Snijd de gedroogde abrikozen in stukjes. Doe ze in een pot en giet er water over: tot de abrikozen net onder staan. Laat een nachtje weken.
De volgende dag ga je de confituur koken. Maar zorg er eerst voor dat je propere confituurpotjes met deksel klaar hebt staan.
Was de rabarberstelen.
Snijd de rabarber in stukjes van 1 cm.
Weeg je kookpot, zodat je weet hoeveel fruit erin gaat.
Doe de rabarberstukjes in een brede kookpot. Voeg er de geweekte abrikozen aan toe en roer door elkaar.
Weeg hoeveel fruit er in je pot zit. Weeg evenveel minuutsuiker af. Roer de suiker goed door het fruit.
Zet op een klein vuurtje en roer zo nu en dan om met een houten lepel... Zodat de suiker niet gaat karameliseren op de bodem. Laat het fruit zachtjes garen.
Breng dan aan de kook en laat al roerend 4 minuten borrelend koken.
Hoelang kook je verder? Tot de confituur dik genoeg is. Je kan kijken hoe traag je confituur van je houten lepel druipt. Of je laat de jam druppelen in een glas water. Als de druppels niet uit elkaar vloeien, is je confituur dik genoeg. Of wat zeker lukt: doe wat confituur op een bord en laat afkoelen. Is deze opgesteven en plakt die aan het bord, dan is het goed. Zoniet: verder koken tot de gewenste dikte.
Vuur uitzetten als je confituur genoeg ingekookt is.
Schep of giet de rabarberconfituur in de goed gereinigde confituurpotjes.
Schroef direct het deksel erop (verbrand je vingers niet aan de hete pot).
Dek af met een doek en laat zo afkoelen.